Mijn kostbaarste bezit

Tijdens het inrichten van mijn nieuwe slaapkamer stoot ik per ongeluk het houten doosje van mijn nachtkastje. Het doosje is altijd het eerste dat ik uitpak wanneer ik verhuis. Ik zie het van het kastje glijden maar kan het niet meer vangen en hoor in gedachten het dunne hout al versplinteren. Wanneer het de grond raakt, schieten alleen de papieren sterretjes eruit om zich over het laminaat te verspreiden als een nieuw sterrenbeeld. Ik slaak een zucht van opluchting.
Het doosje was vroeger van mijn vader. Hij had het meegenomen na zijn diensttijd in Nederlands Indië. Een doosje vol herinneringen noemde hij het altijd. Ik weet nog precies wanneer ik het kreeg. Mijn moeder was overleden, ik was twaalf. We gingen verhuizen naar een flat omdat mijn vader niet meer wilde wonen in het huis waar hij zo gelukkig was geweest met mijn moeder.
Te midden van dozen en vuilniszakken zat mijn vader op het bed. Hij herlas oude brieven, bekeek schoolrapporten en stopte ze in een grote doos. Nieuwsgierig als ik was bekeek ik wat hij er in had gedaan. Het mooie doosje met houtsnijwerk trok meteen mijn aandacht. Ik haalde het eruit en opende het. Op een bedje van donkerbruin fluweel lagen de trouwringen van mijn ouders, een haarlint dat mijn mamma had gedragen en nog een armbandje en ring die van haar waren geweest.
Ik hoorde mijn vaders adem stokken. Hij werd emotioneel en pakte het doosje uit mijn handen. Ik begreep niet waarom het zo ruw werd afgepakt. Ik wilde alleen dat prachtige houten kistje bekijken. Dat de inhoud voor hem, erg emotioneel was begreep ik later wel maar op dat moment niet. Het ging om het doosje, niet om wat er in zat. Mijn vader begreep dat en haalde voorzichtig de ringen, het lint en het armbandje eruit en gaf het doosje aan mij.
Op mijn kamer zocht ik naar iets wat ik er in zou kunnen doen. Tussen mijn knutselspulletjes vond ik toen het zakje met papieren sterretjes en goot dat leeg in het doosje. Mijn moeder was immers ook een ster aan de hemel geworden. Nu was het weer gevuld en tot op de dag van vandaag is dat doosje met sterretjes mijn kostbaarste bezit. Het voelt alsof mijn moeder zo altijd bij mij is. Voorzichtig veeg ik de sterretjes weer bij elkaar en stop ze weer veilig terug in het doosje.
‘Pap, weet je nog dat je, toen we verhuisden naar de Mozartlaan, mij dat doosje met houtsnijwerk gaf wat je had meegebracht uit Nederlands-Indië? Ik was er erg blij mee en begreep toen niet waarom je zo emotioneel werd. Later wel natuurlijk, de trouwringen en de sieraden van mama zaten daarin. Het had voor jou ook een speciale betekenis. Ik wil je zeggen dat ik er nog altijd een beetje spijt van heb, dat ik toen zo nieuwsgierig was en dat ik ook wel onder de indruk was van jouw emotionele reactie.’
Mijn vader kneep zijn ogen samen, ik zag hem denken: waar heeft ze het over. Ik was bij hem op bezoek in het verzorgingshuis waar hij tegenwoordig woont. Zijn geheugen liet hem vaak in de steek, hij was nog niet echt dement maar volgens de artsen zat hij er toch dichtbij.
‘Nederlands-Indië, ja daar ben ik geweest. Dat was een lange vliegreis en we kregen sigaretten. Mijn moeder schreef mij iedere maand een brief met een briefje van 25 gulden erbij. Ik stuurde haar een brief met hetzelfde briefje van 25. Dat is het hele jaar zo heen en weer gegaan. Ondanks de oorlog, toch een mooie tijd’. Zijn ogen vielen dicht, was hij nu in slaap gevallen?
‘Pap, luister eens, waar zijn de foto’s van mama gebleven en jullie ringen? En het armbandje?’
Hoe ouder ik werd, hoe meer ik wilde weten over mijn moeder die overleed toen ik 12 was. Ik had nog zoveel herinneringen aan haar, hoe ze mijn haar borstelde, hoe ze mij voorlas, de thee en koekjes die klaar stonden als ik uit school kwam.
Mijn vader mompelde iets. Ik kon hem niet goed verstaan, ving iets op over Tilly en weggegooid. Tilly was zijn tweede vrouw en ik kon het niet goed met haar vinden. Daardoor was ik al op mijn 18e het huis uitgegaan om in een andere stad te gaan studeren.
‘Kwaad, hoe kon ze” mompelde hij weer. Ineens kwam hij overeind. ‘Ik haatte haar, ze had de herinneringen aan mijn lieve Elske zo weggegooid. Alle foto’s, sieraden, alles was voor jou geweest maar zij, zij heeft het allemaal weggegooid, dat rotwijf’ en hij zakte weer ineen.
Ineens begreep ik alles.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *