Antar en Fifi hebben plezier

“Wat ben ik blij je weer bij mij bent, we gaan het samen weer heel fijn krijgen en ik laat je nooit meer gaan. We zien wel hoe we het oplossen, jij blijft bij mij” zei Thomas tegen Antar. Ze waren lekker aan het dollen in het weiland. De hond deed niets liever dan stokken en ballen ophalen die Thomas weggooide. Antar en hij kwamen graag hier, het was net even de straat uit en toch een lekker vrij veldje. Antar had het nodig om zijn energie kwijt te kunnen. Zeker nu hij weer bij die vreselijke mensen vandaan was. Thomas had spijt als haren op zijn hoofd dat hij die beslissing had genomen. Antar kwam weer aangerend met de bal en Thomas gooide de bal zo ver mogelijk de andere richting uit zodat zijn trouwe metgezel, flink moest zoeken naar de felgele bal.
Zittend in het hoge gras en met zijn rug tegen de houten muur van een schuur, genoot hij eventjes van de zon. Al snel kwam Antar aangerend, zonder bal. De hond ging voor hem zitten en keek hem vragend aan. “Ja, ja, ik ga met je mee, de bal zoeken” zei hij terwijl hij opstond. Hij liep in de richting waar hij het balletje had gegooid.
Langs de rand van het veld zag hij zijn buurvrouw lopen met haar hondje Fifi, een spierwit Maltezer Leeuwtje met een roze strikje op haar kopje. Fifi wenste eigenlijk gedragen te worden maar ze moest een pipi doen van haar vrouwtje.
Antar kwam heel enthousiast aangerend toen hij Fifi zag. Thomas was minder blij om Fleur te ontmoeten, hij wist precies wat er ging gebeuren. Zo te zien kwam Fleur net van een modeshow of zoiets, ze zag er fantastisch uit, helemaal opgemaakt, zelfs haar blonde haren glitterden. Ze droeg een lichte korte rok met een bruine doorkijkblouse en een bijpassend jasje. Haar lange gebruinde benen staken mooi af bij het beige rokje en ze droeg daarbij ook beige schoenen met ontzettende naaldhakken. Als Thomas haar niet beter kende, zou hij zo voor haar gevallen zijn.
“Thomas, haal die hond van je weg hier” riep Fleur op een kattige toon. “Fifi is bang van dat monster.”
Antar is geen monster” riep Thomas terug. “Hij is gewoon lekker jong en speels.”
“Fifi trilt helemaal van de schrik en ik ook.”
“Laat Fifi eens lekker spelen met Antar, laat die hond nu eens gewoon hond zijn.
“Fifi is geen hond” was het vinnige antwoord van zijn buurvrouw.
Intussen was Fifi van haar arm afgesprongen en rende, zo snel als haar korte pootjes konden, naar Antar toe en samen rolden ze al spelend, het hoge gras in.
Fleur stampvoette van kwaadheid.
“Thomas, doe iets, hij vermoordt haar nog.” Fleur raakte volledig in paniek, Thomas lachte waardoor Fleur nog kwader werd. Op haar hoge hakken rende ze achter Fifi aan maar bleef al snel steken in de modder en viel voorover tussen de weidebloemen.
Thomas begon nog harder te lachen.
“Een fleurig bloemetje tussen de paardenbloemen” schaterde hij. De honden kwamen kijken wat er gebeurde en Antar die dacht dat Fleur ook mee wilde spelen, likte haar gezicht. Fifi, de mooie spierwitte Fifi, was inmiddels ook niet meer zo mooi, net als haar bazinnetje. Fleur krabbelde overeind en trok Fifi tegen zich aan. Ze trok haar ene schoen ook uit, fatsoeneerde haar kleding en keek nog even heel boos naar Thomas. Zonder een woord te zeggen liep ze weg, op blote voeten met haar haren verward en een keffende Fifi onder haar arm.
Thomas riep haar nog na: “heeft Fifi nu nog wel een pipi gedaan?” en liep weer terug naar de schuur. Hij genoot nog na van wat er was gebeurd, zittend tegen de muur met een vermoeide Antar naast zich.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *